Verwarm je wafelijzer goed voor. Dat is belangrijk om mooie goudbruine wafeltjes te krijgen die niet blijven plakken.
Meng de appelmoes, plantaardige melk, vanille-extract, de zeste van de appelsien en de 2 eetlepels neutrale olie in een kom tot een glad mengsel.
Voeg het volkoren rijstmeel, de kaneel, het zout en het bakpoeder toe. Roer tot je een egaal beslag hebt. Laat het beslag 5 minuten rusten zodat het rijstmeel het vocht goed kan opnemen.
Vet het wafelijzer lichtjes in met een beetje neutrale olie.
Schep een portie beslag in het wafelijzer en bak de wafeltjes goudbruin en licht krokant.
Herhaal tot het beslag op is en laat de wafeltjes even afkoelen op een rooster. Zo blijven ze het lekkerst.
Serveer ze puur, met wat extra appelmoes, vers fruit of wat noten erbovenop.
Tips
- Laat het beslag 5 minuten rusten voor je begint te bakken. Dat geeft een betere structuur.
- Zijn je wafeltjes te droog of te dik van beslag, voeg dan een klein scheutje extra plantaardige melk toe.
- Gebruik bij voorkeur ongezoete appelmoes als je ze gezond en natuurlijk zoet wil houden.
- Werk af met extra appelmoes, vers fruit, noten of een lepeltje yoghurt voor een feestelijke toets.
- Geen rijstmeel in huis? Boekweitmeel kan ook, maar dat geeft een stevigere smaak.
- Voor extra smaak kan je ook gember, citroenzeste of fijngehakte nootjes toevoegen.
- Bewaartips
In de koelkast bewaar ik deze wafeltjes tot 3 dagen in een luchtdicht doosje.
In de diepvries blijven ze tot 3 maanden goed in een goed afgesloten diepvrieszak of doos. - Opwarmen doe ik het liefst in de broodrooster of kort in de oven, zo worden ze opnieuw lekker krokant.